Blog

Flexibiliteit en standaardisatie, vrienden of vijanden?

Flexibiliteit en standaardisatie, vrienden of vijanden?

Bij veel projecten is scrum het toverwoord. De achterliggende gedachte is flexibiliteit, aanpassen aan voortschrijdend inzicht en tegen minimale kosten een optimaal product leveren. Daarnaast is de roep om standaardisatie. In veel situaties gedreven door de behoefte om een project snel te realiseren tegen acceptabele kosten en zonder veel problemen.

De vraag is: kunnen standaardisatie en flexibiliteit samen gaan? 

Graag maak ik daarvoor gebruik van een vergelijking met de ontwikkeling van een auto. Bij de ontwikkeling van de auto kun je uitgaan van maximale flexibiliteit waarbij alle onderdelen zelf worden geproduceerd. Dat kost niet alleen veel tijd en geld, maar vergroot ook de kans op problemen. Daarnaast de standaard auto waarbij geen modificaties mogelijk zijn. In de dagelijkse praktijk wordt er gekozen voor een ‘basis’-model waarbij modificaties mogelijk zijn door in onderdelen te variëren. Dit kan alleen maar goed gaan als onderdelen goed op elkaar zijn afgestemd en op elkaar aansluiten. Stel je voor dat je een ander motortype kiest maar alle aansluitingen zitten aan de verkeerde kant of de krukas draait de verkeerde kant op. Dan kom je in het ergste geval na veel aanpassingen tot de conclusie dat je alleen hard achteruit kunt rijden.

Deze vergelijking gaat ook op voor IT-oplossingen; alleen is het dan minder aansprekend. Ook bij IT oplossingen is flexibiliteit mogelijk met gebruik van standaard onderdelen. Ook dan is van groot belang om de componenten zo samen te stellen dat niet alleen de juiste functionaliteit wordt geleverd maar ook dat de onderdelen op elkaar aansluiten en kunnen samenwerken.

Terugkomend op de vraag ‘flexibiliteit en standaardisatie, vrienden of vijanden’.

Flexibiliteit en standaardisatie kunnen niet alleen samen gaan, maar elkaar ook versterken zodat er sneller een beter product kan worden geleverd. Mits er aan bepaalde condities wordt voldaan:

  • Zorg voor de juiste functionaliteit in de juiste samenstelling (functionele decompositie)

  • Zorg dat de onderdelen een ‘gemeenschappelijke taal’ hebben en op elkaar zijn afgestemd (referentie architectuur).

Een voorbeeld hiervan is ‘Programme Management for Non-Profit Cloud’ ontwikkeld door g-company. Het generieke doel is programma management voor non-profit organisaties. Maar binnen de veelheid van organisaties kunnen de doelgroep, focus en werkwijze anders zijn. Ook hier dus behoefte aan flexibiliteit. Maar er is ook de wens om een oplossing te realiseren zonder de hoge kosten van initiële software ontwikkeling en de bijbehorende problemen. ‘Programme Management for Non-Profit Cloud’ bestaat uit verschillende modules, toegespitst op functionele aandachtsgebieden die onderling optimaal samenwerken. Afhankelijk van de wensen van de organisatie kunnen desgewenst onderdelen (modulen) worden gebruikt.


Wil je meer weten over dit onderwerp? Neem dan eens contact op met info@g.company.

Gerard Gijsen

Salesforce Consultant
Gerard maakt onderdeel uit van het Salesforce Squad en heeft binnen g-company een rol als Salesforce Consultant.